De spinnekop werd in 1919 vervangen door een Herkules windmotor. Toren: 10,00 m hoog, wiekenrad 8,00 m Ø, schroef 80 cm Ø, helling 26 º.
Bron: "De Heidenskipster molen fan eartiids", Willem D. Hengst, 2001. Verzameling Henk van der Kaay.
Aanvullingen
Poldergrootte 75 ha, peil -1,35 m. Bron: waterstaatskaart Sneek Oost, herzien in 1947-1949. Rij 24, kolom 4.
-----
Van deze vroegere windmotor is een nog net boven het maaiveld uitstekend restant te zien, dat op het terrein ligt van een voormalige boerderij aan de Koaidyk 4: twee parallel liggende stukken beton van elk ruim 1 m breed en een lengte van ca. 3,50 m. De hoekijzers van de vroegere toren, waarvan nog resten in het beton zitten hebben, voor zover dit nog was na te meten, een breedte van zo'n 9 cm. De breedte van de vroegere toren schat ik op zo’n 2,30 - 2,40 m.
De windmotor maalde vroeger, vanuit de naar de molen leidende sloot, uit op het Hofmeer. De sloot eindigt nu tegen een kade met een damwand. Van de vijzelgoot en achterwaterloop is niets meer te zien; het zou kunnen dat deze zijn dichtgestort (evenals het binnenwerk tussen het fundament) en nog onder het gras zitten, maar dat weet ik niet zeker.
Jan Wagenaar, 28 sept. 2019 (met dank aan de bewoners voor het mogen onderzoeken op hun terrein).